Blije kippiekippies

De eieren bij de supermarkt komen gelukkig niet meer bij legbatterijen vandaan, maar het alternatief is niet veel beter. Ik dacht een tijd lang heel naïef dat scharreleieren van kippen kwamen die lekker buiten konden scharrelen, maar helaas. Scharrelkippen verblijven in een grote stal met een paar honderd soortgenoten en zien vaak hun hele leven geen daglicht. Je kunt je afvragen of ze überhaupt wel kunnen scharrelen met zijn negenen op een vierkante meter. En als ze na een jaar minder eieren beginnen te leggen, en dus economisch minder rendabel zijn, gaan ze naar de slacht.

De enige manier om zeker te weten dat de kip die jouw eieren legt een mooi leven heeft, is het door haar zelf een mooi leven te geven. En nu we landelijk wonen, kunnen we dat.

De vorige bewoners hadden drie kipjes die wij over mochten nemen. Ze hebben een mooi hok en een ren, dat had ik bij de bezichtiging al gezien. Maar bij zelf kippen houden denk ik toch heel romantisch aan kippen die vrij door de tuin kunnen scharrelen. We besloten ze dus los te laten in de tuin, en proefondervindelijk vast te stellen hoe ernstig de schade is die ze aan de planten toebrengen. Tot nu toe valt het mee, zelfs nu we er nog twee tamme Barnevelders bij hebben gekregen.

En met name de twee nieuwelingen hebben me enthousiast gemaakt over kippen als huisdier. Want dat zijn het echt. Ze herkennen je, komen enthousiast op je afrennen en laten zich zelfs kroelen. Ook door de kinderen (10 en anderhalf) van vriendin F.

Tot nu toe hebben ze nog geen namen. We noemen ze allemaal Kippiekip, en verbeelden ons dat ze daar ook naar luisteren.

Accidental Capsule Wardrobe

Een verbouwing duurt altijd langer en kost altijd meer dan gepland, dat is bijna een natuurwet. Toch dacht ik dat we er binnen twee weken wel zouden wonen, en had ik voor die periode vier jasjes, vier shirtjes, drie broeken en twee paar schoenen uitgekozen. Daar zou ik het vermoedelijk wel mee redden.

We zijn nu een maand verder alle dozen staan nog ingepakt, want we hadden zoveel tegenslag met verbouwen dat we er nu nog niet kunnen wonen. Tot mijn verrassing heb ik nog geen dag het gevoel gehad dat ik niets had om aan te trekken., en ik verwacht dat dat ook de komende vier weken niet zal gebeuren.

Zonder me ervan bewust te zijn heb ik dus een capsule wardrobe aangelegd, iets waar ik al in geïnteresseerd ben sinds ik er twee jaar geleden voor het eerst over las. Ik wist toen niet waar ik zou moeten beginnen, want ik had 7 m2 aan kastruimte vol kleding in allerlei maten, van de jaren negentig tot nu. Ondanks die indrukwekkende collectie ben ik helemaal geen fashionista. En dat bleek het grootste obstakel te zijn. Ik heb geen vaste stijl, ik heb geen idee hoe ik kleding moet combineren of zelfs maar wat me flatteert. Ik doe maar wat. En ben daar zelden tevreden over.

Juist omdat ik er al een tijdje over aan het denken was, heb ik nu een goede selectie kunnen maken. Alle items die ik de afgelopen twee jaar kocht, moesten echt goed voelen, en onderling te combineren zijn. Een kast vol favorieten, dat is mijn doel.

Mijn capsule wardrobe is voor de lange termijn misschien nog een beetje te beperkt, dus ik zal er zodra het huis af is wat items aan gaan toevoegen. Maar dit is echt een fantastisch begin. Ik heb voor de verhuizing al acht vuilniszakken vol kleding weggedaan, en zoals het er nu naar uitziet kan er nog veel meer weg.

Twijfel je nog of een capsule wardrobe iets voor jou is? Probeer het gewoon. Zoek wat items bij elkaar, berg de rest op in verhuisdozen en ontdek je innerlijke fashionista. Combineer eens wat items die je nooit bij elkaar bedacht had. Er kan veel meer dan je denkt.

Minibieb

Vlakbij Sanders huis staat een minibieb. Een klein kastje langs de kant van de weg waarin gratis boeken worden aangeboden. Het staat midden in een populair recreatiegebied waar in de winter geschaatst wordt en in de zomer gefietst. En de Maarsseveense Plassen, die praktisch in de achtertuin liggen, trekken natuurlijk ook het nodige publiek zodra het weer het toelaat. Er is veel aanloop bij het minibiebje, en ik vind het altijd heel leuk om te zien hoe mensen erop reageren. Het is toch iets bijzonders, een kadootje. Zeker als er iets van je gading in staat.

Elke keer als ik er langs loop, kijk ik of er al een beetje ruimte is. Dan zet ik er wat van mijn boeken in. Want het is de bedoeling dat mijn verzameling flink slinkt. Ik bezit zo’n duizend boeken, en als ik heel eerlijk ben zijn er maar een paar boeken die ik echt herlees en wil bewaren. Als ik ze allemaal zou inpakken en meenemen naar ons nieuwe huis, staan ze daar vermoedelijk nog jaren stof te vangen. En dat is zonde. Als ik echt zo van mijn boeken houd, zal ik ze een beter leven moeten gunnen.

Ik weet niet of de eigenaar weet dat ik zijn minibieb misbruik als een asiel voor de boeken die ik een nieuw baasje gun, maar ik hoop dat hij het niet erg vindt. Het is voor mij de meest acceptabele manier om afstand te doen van mijn boeken, want ik weet dat de kringloopwinkel minder courante exemplaren gewoon in de papiercontainer gooit. Ik kan het niet over mijn hart verkrijgen om daar aan mee te werken.

Al zal ik op een gegeven moment wel moeten. Het duurt namelijk nog maar vier weken tot mijn spullen ingepakt klaar moeten staan voor het verhuisteam. Een klus waar weinig vrienden nog voor te porren zijn na mijn laatste verhuizing, nu zeven jaar geleden. “Nóg meer boeken?!” was de meest gehoorde zin die dag. Gevolgd door:”Volgende keer huur je maar een verhuisbedrijf”.

Ik moet eerlijk zijn tegen mezelf. Want ik ga die boeken niet herlezen. En die ongelezen boeken die er al tien jaar staan, vind ik kennelijk al tien jaar niet de moeite. Als ik ze bewaar totdat ik na mijn pensionering tijd heb om ze allemaal te lezen en herlezen, zal ik minstens 107 moeten worden. Het is gewoon niet realistisch.

Deze boeken moeten iemand anders blij gaan maken, net zoals er ook weer boeken op mijn pad zullen komen waar ik blij van word. Mijn huidige verzameling bezorgt me alleen een schuldgevoel. En mijn verhuisteam een hernia, als ik er niet snel iets aan doe.

Snoei het oerwoud aan klantenpasjes

Ik heb nooit contant geld bij me, maar wel altijd een dikke portemonnee. Mijn bankpas en creditcard. Toegangspas van mijn kantoor. Koffiekaart. Bonus. Airmiles. Rocks. Zorgpas. Vaarbewijs (al twee jaar geen boot van dichtbij gezien, maargoed). Hema-kaart, Ikea Familypas. Klantenkaarten van alle ketens waar ik sporadisch kom zoals Ulla Popken, Yves Rocher, Ici Paris XL, Nespresso en nog wel tien die ik vergeten ben.

Ooit vond ik het een zegen dat het rijbewijs en het kentekenbewijs pasjes waren geworden, maar de dunne vodjes die we vroeger hadden namen toch veel minder plek in. Ik gebruik mijn auto elke dag, dus die pasjes heb ik standaard bij me. En een OV-chipkaart, voor als ik in de binnenstad moet zijn.

Af en toe gooi ik een paar incourante pasjes thuis in de la zodat mijn portemonnee weer hanteerbaar wordt. Maar je kunt er donder op zeggen dat ik als ik dan eindelijk mijn huis opnieuw ga verven, geen Praxis-kaart op zak heb als ik in de bouwmarkt voor een fortuin aan latex sta af te rekenen.

En dat ik bij Ikea korting misloop op mijn nieuwe kast omdat die pas thuis in de la ligt. Ja, je kunt bij Ikea ook een tijdelijke pas halen, maar als je net drie kwartier in de rij gestaan hebt bij de kassa ga je niet terug naar de Ikea Family afdeling om die op te halen. Zeker niet als je je Ikea-hatende man bij je hebt.

Mijn onvermogen om op de juiste momenten de juiste pasjes te presenteren zorgt ervoor dat ik me chronisch ongeorganiseerd voel. Je zou dus denken dat ik een gat in de lucht sprong toen de eerste app werd uitgebracht die al je klantenkaarten digitaal beschikbaar maakt op je smartphone.

Massa’s mensen zoals ik zijn daar inmiddels zielsgelukkig van geworden, maar ik kwam er nooit toe om al mijn pasjes bij elkaar te sprokkelen en er even voor te gaan zitten. Het bleef op mijn to do list staan als iets waar ik nog eens naar wilde kijken. Hoewel het een dagelijkse ergernis betrof waardoor elke dag een beetje energie wegsijpelde, had het kennelijk niet genoeg urgentie. En eigenlijk geldt dat voor wel meer dingen die mijn leven gemakkelijker kunnen maken.

Op mijn werk schaaf ik de procedures voortdurend bij om zo effectief en efficiënt mogelijk te werken, maar privé laat ik al snel de boel de boel. Alsof ik mezelf geen orde en netheid gun. Maar bewustwording is de eerste stap, en ik ga eraan werken. Om te beginnen installeer ik vandaag de StoCard app en digitaliseer ik al mijn klantpasjes.

Kun je dat nog dragen op je veertigste?

Jarenlang ging ik naar mijn werk in een spijkerbroek en een heavy metal shirt. Dat kon, want ik werkte bij de kunstredactie van een krant, niet bij een fancy kantoor waar klanten over de vloer komen.

Vriendin A. vond het verbazingwekkend dat ik ‘op mijn leeftijd’ nog dat soort shirts droeg. En zelfs een halsband met spikes als ik naar een concert ging.

Hoewel ik in mijn nieuwe baan alleen nog gezien wordt in nette bloesjes en jasjes, draag ik privé nog steeds wel bandshirts. Maar niet meer met provocerende teksten en skeletten. En ik weet het niet zeker, want het was geen bewuste beslissing, maar ik denk dat dat met mijn leeftijd te maken heeft.

En ook tussen mijn ‘normale’ kleding zitten wel stukken die ik waarschijnlijk nooit meer zal dragen. Wat bij een twintiger sexy staat, laat een veertiger vooral wanhopig lijken. En wat een dertiger een hippe uitstraling verschaft heeft bij een veertiger ineens het tegenovergestelde effect. Eruit zien alsof je heel hard je best doet om hip te zijn… dat is juist weer sneu.

Niet alleen je leeftijd is bepalend, het moet ook nog bij je passen. Er zijn tenslotte mensen die ermee wegkomen. Dat komt omdat ze heel dicht bij hun eigen stijl blijven. En het hangt er natuurlijk ook van af in welke kringen je je begeeft.

Zo was ik laatst op een alternatief theater- en kunstgebeuren, waar iedereen er heel gemaakt-nonchalant uitzag. Een man droeg over zijn t-shirt een colbert met verfvlekken. Niet omdat hij niets meer zonder vlekken in de kast had hangen, maar omdat hij daarmee wilde uitdragen dat het hem niets uitmaakt wat mensen van hem denken. Dat kleding slechts een middel is om het niet koud te hebben. Dat het om de inhoud gaat.

Wanneer je een festivalterrein vol met mensen ziet die zich allemaal niets aantrekken van de mening van anderen, en dat zorgvuldig etaleren, krijg je vanzelf het gevoel dat dat de norm is waaraan je je dient te conformeren.

De paradox is dat we ons niets willen laten opleggen, ruimte willen om onszelf te zijn, maar aan de andere kant ook graag willen laten zien dat we erbij horen. Gelukkig zit ik niet vast aan één format. Ik ben een veertiger, maar ik ben ook marcomprofessional. En heavy metal-liefhebber. Het ene sluit het andere niet uit.
Maar ik trek de grens bij met verf besmeurde jasjes.

Project 333 – Een capsule wardrobe

Ik ben geen fashionista en ik hou niet van shoppen. Ik heb maar twee paar schoenen die ik draag, en één tas, die ik zowel mee naar festivals als naar kantoor neem. Toch heb ik minstens zoveel kleding als Paris Hilton. Al heeft zij vermoedelijk wat minder bandshirts.

Het excuus waarmee ik de overdaad in mijn kasten goedpraat, is dat ik nogal jojo in gewicht. In 2009 viel ik 25 kilo af, en die zaten er vorig jaar weer aan. Inmiddels zijn er weer 7 af. Die dalende lijn kan zich voortzetten, maar misschien ook niet. Dus ik heb mezelf al die tijd toegestaan om een complete garderobe voor alle seizoenen te hebben oplopend van maat 40 tot maat 48.

De waarheid is echter dat ik ook kleding bezit die ik niet draag, ook als het wel de juiste maat is. Omdat het niet lekker zit, omdat het niet zo mooi staat of omdat het kapot, bevlekt of kreukelig is. Als het niet meer schoon te maken of te repareren is, en ik ook niet opeens zin krijg om het te strijken, moet het eigenlijk gewoon weg. Net als al die kleding die me niet flatteert.

Waarom heb ik zo’n moeite met het wegdoen van kleding? Ben ik bang dat er niets overblijft en ik naakt over straat zal moeten? Dat ik straks geen geld meer heb om kapotte kleding te vervangen? Dat de mode zo extreem verandert dat ik niets meer naar mijn zin kan kopen? Wat het ook is, logisch is het niet. Ik heb meer dan genoeg. Ik kan een deel van mijn spaargeld opzij zetten om een volledige nieuwe garderobe aan te schaffen. Er zal heus altijd wel kleding zijn die me aanspreekt, en tweedehands is er ook genoeg te krijgen.

Telkens als ik lees over capsule wardrobes denk ik: dat moet ik proberen! Het lijkt me zo bevrijdend om een overzichtelijke hoeveelheid kledingitems te hebben die onderling goed te combineren zijn. Niet meer uren voor de kast staan dralen, maar gewoon direct een outfit kunnen kiezen die lekker zit en goed staat. Gewoon 33 items voor 3 maanden. Zo weinig is dat niet. Ik denk dat de kledingstukken die ik normaal gesproken regelmatig draag, dat aantal niet overschrijdt.

En wat zal het fijn zijn om niet meer steeds de kleding die ik niet draag door mijn handen te laten gaan, die kledingstukken die me alleen maar confronteren met negatieve gedachten als:
– Dit dure jasje staat je voor geen meter. Wat een geldverspilling!
– Als je nou eens je best deed om die tien kilo af te vallen. zou je dit gewoon kunnen dragen.
– Gaaf shirtje hè? Maar je bent nu veertig. Dat kan echt niet meer.

Ik grijp mijn verhuizing aan om mijn garderobe eens rigoureus op te schonen. Een nieuw huis, een nieuw begin. Met 33 kledingstukken. Het afscheid nemen van het leeuwendeel van mijn verzameling wordt een moeilijk proces, maar ik geloof er heilig in dat ik me er veel beter bij ga voelen. Wordt vervolgd.

Starbucks Travel Mug

Zeker drie keer per week stop ik ‘s ochtends bij Starbucks voor een grande cappuccino met een extra shot. De hoeveelheid lege bekertjes in mijn auto is een stil bewijs van mijn verslaving.

Hoe meer ik me de minimalistische levenswijze eigen probeer te maken, hoe bewuster ik word van de overbodige spullen in mijn leven. Zoals het afval dat ik produceer.

Om mijn koffie mee de auto in te nemen bezit ik vier meeneembekers. Twee Keep Cups die geheel plastic zijn, en twee bekers die rvs van buiten zijn en plastic van binnen. Andersom was beter geweest, want het plasticsmaakje dat er zo aan je koffie komt te zitten verpest alles. En je kunt er daarna ook geen thee meer uit drinken, want die smaakt dan naar koffie. Het doet me altijd denken aan de beker die ik op scoutingkamp meenam. ‘s Avonds ging er tomatensoep in, die dan een beetje naar plastic smaakte. En de volgende ochtend en middag smaakte je thee juist weer naar tomatensoep. Ook de oranje aanslag van de soep kreeg je er niet meer uit. Vreselijk vond ik dat.

Waarom heb ik die dingen dan nog?

Dat is een vraag die ik mezelf regelmatig stel tijdens mijn minimaliseerproces. Veel van mijn bezittingen zijn niet naar mijn zin, dubbel of overbodig. Weg ermee. Weg. Echt. Niet bewaren voor mijn ex-vriend Justin Case 😉

Starbucks verkoopt (met een flink prijskaartje, ik zeg het maar alvast) prachtige meeneembekers die wel een rvs binnenkant hebben. Het is een degelijke beker waarvan ik nog jaren plezier hoop te hebben. Pluspuntje: Geen rare blikken omdat je je eigen beker meeneemt. Want hij is tenslotte ook een beetje van Starbucks.

De voordelen van luisterboeken

Een oud-collega van mij had een aantal jaren geleden een webshop in luisterboeken. Toen ik bij haar op visite was, gaf ze me er eentje mee om te proberen. In die tijd had ik drie banen tegelijk en kon ik de tijd en de rust niet vinden om een boek te lezen, en dit zou de ideale oplossing zijn. Ware het niet dat ik geen cd speler had. En omdat het luisteren naar een boek niet in mijn systeem zat, lag het luisterboek vervolgens te verstoffen in een lade. Elke keer dat het schijfje door mijn handen ging, nam ik me voor om de bestanden op mijn mp3-speler te zetten. Maar ook dat bleef bij een voornemen.

In mijn zoektocht naar inspiratie voor een minimalistischer leven kwam ik terecht op het youtubekanaal van Zoey Arielle. Zoey is een beeldschone Canadese twintiger die na veel omzwervingen in Italië is neergestreken en van daaruit enthousiast blogt over haar leven en haar streven naar een betekenisvollere, minimalistischere levensstijl.

Sinds de enthousiaste pitch van mijn oud-collega heb ik niemand meer zó enthousiast horen vertellen over de voordelen van luisterboeken. In meerdere filmpjes vertelt ze hoe gelukkig ze is met de streamingdienst Audible.com waar je onbeperkt luisterboeken kunt ‘lezen’ voor een vast maandtarief. Nieuwe dingen leren, eindelijk die klassieker eens tot je nemen, Zoey doet het tijdens het hardlopen, schoonmaken en shoppen.

Ik dacht weer aan het luisterboek dat nog ergens in de kast lag, en besloot het mee te nemen in de auto. Vorig jaar heeft Sander een cd-speler ingebouwd in mijn auto en ik rij voor mijn werk flink wat uurtjes heen en weer tussen Almere, Utrecht en Den Haag. Zou ik binnenkort ook zo lyrisch zijn over luisterboeken?

Jazeker! Ik snap echt niet dat ik niet eerder de moeite heb genomen om te kijken of dit iets voor me is. Het maakt ritjes in de auto echt veel aangenamer, en ik zie mezelf ook nog wel boeken luisteren tijdens het schoonmaken.

De Nederlandse tegenhanger van Audible heet Storytel, en biedt een ruim assortiment luisterboeken aan voor een tientje per maand. Efficiënter boeken consumeren, zonder de fysieke boeken een plekje in je huis te hoeven geven. Ik zie het helemaal zitten. De eerste twee weken kun je de dienst gratis uitproberen. Ook wat voor jou?

*update*

Vandaag wees vriendin V. mij op de app Luisterbieb van de Nederlandse bibliotheken. Als je een biebabonnement hebt kun je met die app gratis luisterboeken (en e-books) lezen. Als je geen lid bent van een bibliotheek kun je een abo op de digitale bibliotheek nemen. Dan heb je voor 42 euro per jaar toegang tot een flinke bibliotheek aan luisterboeken en e-books. Ook mag je met je jaarabo twee cursussen volgen uit het online aanbod.

Documentaire Minimalism op Netflix

Op Netflix is nu de documentaire Minimalism te zien van The Minimalists. Ik volg deze heren al een paar jaar op hun blog, en ze schrijven altijd heel inpirerende stukjes.

De documentaire biedt een inkijkje in het proces waar zij doorheen zijn gegaan. Van streven naar meer geld en succes tot het besef dat geluk helemaal niet zit in een torenhoog salaris en bijbehorende functie. Dat het in het leven draait om betekenisvol contact, genieten van wat je hebt. Van het mooie weer, van fijn gezelschap, van goed voor jezelf zorgen en je creatief en intellectueel ontplooien.

Eye-opener vond ik de verklaring voor onze zucht naar spullen. Dat die stamt nog uit de tijd dat we jagers-verzamelaars waren. En dat het zoeken naar steeds maar meer toen nut had, maar nu niet meer. De illustrerende filmpjes laten een mensenmassa zien die een winkel bestormt. Mensen die slaags raken met elkaar, spullen uit elkaars handen trekken. Hebben, hebben, hebben.

Ik zie mezelf niet vechten om het laatste paar schoenen uit de aanbieding. Maar ik moet erkennen dat de blijdschap over mijn nieuwe smartphone niet lang duurt. Het is al snel weer gewoon, en over twee jaar ben ik er van overtuigd dat ik het nieuwste model moet hebben, dat ik dan weer helemaal ‘bij’ ben. Alsof ik mezelf een update geef.

Ook het beeld dat zij geven van hun eigen streven naar bijna geen bezittingen is niet iets waar ik mij in herken. Maar in elk verhaal en elk beeld zit een wijze les die je kunt toepassen op je eigen situatie. Wat mij betreft een must see voor iedereen die wil leven met minder ruis en meer aandacht.

Minimalism: A Documentary About the Important Things from The Minimalists on Vimeo.

Nooit meer afgebladderde nagellak

Laat ik meteen maar mijn excuses aanbieden voor de misleidende titel. Ik heb namelijk geen idee hoe je ervoor kunt zorgen dat je nagellak blijft zitten. En dat terwijl ik een collectie nagellak bezit waar de meeste nailsalons jaloers op zouden zijn.

Dagen in het jaar dat er lak op mijn nagels zit: 0,5.

Dat zou eigenlijk een hele dag moeten zijn, maar meestal is het rond het middaguur al afgebladderd. Vervolgens peuter ik nog twee dagen aan de restjes en besluit ik dat nagellak niet mijn ding is. Een jaar later ben ik dat weer vergeten, want dan loop ik weer de Etos uit met vier nieuwe flesjes, en herhaalt de geschiedenis zich.

In mijn eerste opruimronde heb ik de uitgedroogde exemplaren weggedaan. Maar ook daarna bleef er een schoenendoos vol over. Die ene mooie kleur. Die andere, die wel bijna een hele dag blijft zitten. Die zwarte, die ik met halloween en op metalconcerten nog wel eens draag. Die kleurtjes waarmee ik misschien nog eens een ander creatief project bedenk… het is hopeloos. Want ze staan toch echt 364 dagen per jaar ongebruikt in de kast omdat ik niet realistisch ben over het gebruik ervan.
Dat moet stoppen.

Die doos met nagellak gaat NIET, ik herhaal: NIET mee naar het nieuwe huis. Zo.

Ik plaats zometeen een oproep op facebook om ze gratis af te laten halen. Misschien is er nog iemand die er wél wat mee doet.